Logboek 2018

de mannen in de laadbak!

duizend kleuren groen
duizend kleuren groen

 

Santa Marta,

 

Woensdag, 28 maart 2018

 

In mijn zeeverkenner tijd werden er zoektochten gehouden en werden getraind om kaart te lezen, richting te bepalen, om met af en toe een Mars aan een boom of andere wazige aanduiding de route te markeren. Maar de aanduidingen van het wandelpad van Minca naar Bonda slaat alles. Geen pad, geen richting, geen bordjes en geen Marsen aan de boom. Alles is onduidelijk, de paden zijn overwoekerd met varens, het pad houdt ineens op, geen bordjes en je moet de durf hebben om een hek open te maken van een boerenerf. Je loopt door een rivierbedding en je ziet naast de bedding wel een paadje opduiken, het pad is terug gevonden!.

 

Vanochtend zijn we met zijn zessen vanuit Minca vertrokken om eerst een klein stukje omhoog te gaan en dan de rest omlaag naar Bonda. Een eitje zou het worden en we hebben zwembroeken bij, eten en drinken niet echt nodig want we zullen wel enkele posten zien, waar we denken dat ze iets hebben. Dat kleine stukje omhoog wordt een heel stuk omhoog en behoorlijk steil. Ze slingeren ons zuchtend en kreunend omhoog en achter elke bocht denken we dat het einde in zicht is. Maar het einde is helemaal niet bereikt want na elke bocht gaat het gewoon verder steil omhoog. We houden elkaar goed in de gaten en doseren het tempo en drinken om het vochtverlies in te perken. Na twee uur niet zomaar klimmen komen we op een top van een heuvel en denken dat we het ergste gehad hebben. De tocht laten we ondersteunen met de app "Mapsme", die bij het vertrek 15 km aangeeft en nadat we twee uur flink doorgestapt hebben het er ineens 18 kilometer van maakt om op het eindpunt te komen. Techniek staat voor niets maar het maakt ons onzeker.

 

We komen bij een prachtig huis in aanbouw en ontmoeten een gastvrije jonge vent die met zijn koffieplantage, koffie produceert voor zijn zuster in Frankrijk voor een "fair prijs". Hij laat ons trots zijn terrassen zien en de lodge in aanbouw. We krijgen bananen, water en een uitgebreide uitleg van deze geboren Zweed, die in Spanje is opgegroeid en familie in Frankrijk heeft en nu zelf eigenaar is van deze opbouw. Voor 80.000 Euro, 7 hectare koffieplantage en een huis, wel bovenop een berg ver van alles.

 

Hij legt ons uit dat we verkeerd zijn gelopen en wijst ons een klein paadje aan waar we over een heuveltop moeten lopen, tussen de varens door. Hier ontmoeten we de Koreaan Ji Hun. Een jonge vent op vakantie in Colombia en die op zijn eentje wandelingen maakt. Later blijkt dat hij heel blij is dat hij ons ontmoet want hij liep bij het paadje ook verkeerd, ondanks alle nieuwe technieken die hij in zijn Samsung heeft zitten.

We lopen uren verder en op een open plek eten we de laatste etenswaren op en merken dat de watervoorraad wel heel snel afneemt. Doorgaan is de enige oplossing en dalen verder, maar nu wordt het dalen geen dalen maar meer steile wand glijden en glibberend, al slalommend van de berg af. Beekjes, die het water uit de rotswand laat vallen, schitterend bomen, vogels, vlinders, prachtig uitzicht over de duizend kleuren groen. Ik vul mijn fles met bergwater om watervoorraad aan te vullen en te verkoelen. Op een heuveltop komen we een verlaten huis tegen waar de kippen nog rond scharrelen en genieten van onze tintelende voeten en het uitzicht. Van alles en iedereen verlaten en kunnen moeilijk geloven dat dit een vaak gebruikt wandelpad is.

 

Nog een uurtje omlaag en komen ineens bij een schijnbaar eindpunt. Gekleurde vlaggetjes hangen over het pad, we lopen inmiddels naast de snelstromende beek en het is drie uur in de middag. Een soort uitspanning voor groepen met de mogelijkheid van zwemmen op dit terrein en een heuvel waar houtskool geproduceerd wordt. Wij lopen door richting Bonda maar zien na de uitspanning een mooi plekje in de rivier om even in het koude water te gaan liggen.

Onze Ji Hun wordt helemaal lyrisch en roept steeds dat hij morgen naar hier terugkeert om opnieuw te gaan zwemmen. Hij maakt tientallen foto’s en een selfie met ons op de achtergrond. Het is erg gezellig met elkaar. Na de verkoeling opnieuw opweg naar het eind en het blijkt nog 8 kilometer te zijn volgens de techniek. We steken een rivier over en lopen ineens op het erf van een boerderij waar een semi-vrachtauto met houtenlaadbak staat. Er staan mensen omheen en Loud spreekt de familie aan of we een stukje mee kunnen rijden. Geen enkel probleem maar volgens de Colombiaans Oma moeten de vrouwen in de auto en de mannen in de laadbak. Het is allemaal veel verder dan verwacht en we worden steeds gelukkiger van het feit dat we deze buitenkans van vervoer hebben gegrepen. De auto kreunt zich over de stenen, waadt door rivieren, wringt zich door de mulle zandpaden.

 

Onderweg treffen we de Finca voor Ji Hun en nemen afscheid van deze bijzondere vent. Op de autobaan worden we afgezet en de chauffeur wil eigenlijk helemaal niets voor de tocht hebben. Marlène stopt hem een handvol peso’s in de hand en de lach wordt alleen maar nog groter dan hij was. Met de blauwe bus rijden we het laatste stuk naar de boot.

 

Een heerlijke dag, vermoeiend maar ontzettend veel geleerd en ik weet nu zeker dat niet elke mars Marsen in de boom heeft.