Logboek 2018

Filosofisch gezever

 

Donderdag, 19 april 2018

 

 

 

N 17°36’ 33. W 082°57’ 444 - N 16°49’ 95. W 084°52’ 15

 

 

We zijn over de helft en het aftellen kan beginnen. Een psychologische mijlpaal waar je filosofisch over kunt mijmeren. Waarom lijkt de tweede helft van de reis sneller voorbij te gaan dan de eerste helft. Waarom doet het je goed als de teller van 301 mijl naar 299 mijl gaat. Er is weinig veranderd, anders dat het gevoel nog maar 200 mijl te gaan is, terwijl het in werkelijkheid toch nog 299 of lees 300 mijl is. De nacht is om te mijmeren en op een onverklaarbare wijze herinner ik de driehoeksmetingen van enkele Fransen die door de exacte afstand te meten van 10 graden Noorderbreedte hierdoor de omtrek van de aarde wilden meten.

Als van 1 zijde de lengte bekend is en de twee aanliggende hoeken gemeten zijn, dan kan de lengte van de andere twee zijden uitgerekend worden

Het uiteindelijke verschil was geloof ik 12 meter. Deze driehoeksmetingen houden me uit de slaap.

 

De nacht is leeg, de boot ruist zich door het water, het hekwater kringelt zijn eigen weg door de monsterlijk grote soep, 15 knopen wind en een snelheid van gemiddeld 4,8 knoop. Ik voel me onoverwinnelijk en weet meteen dat het een vals gevoel is. Het zou zomaar door een squall verstoord kunnen worden. Ik maak Jacqueline om 02.00 uur wakker en val dankbaar met glimlach in slaap. Ik lig uitgemeten mijn slaapronde weg te maffen.

 

De AIS piept maar één keer vandaag, zo leeg is de zee. We zijn waarschijnlijk uit de scheepvaartroute. De eilanden van Honduras liggen in de verte en we varen enkele in het zicht. Hoge bergen met groene hellingen waar enkele huizen met steigers te onderscheiden zijn. Een paar vissers draaien hun rondjes ver van ons vandaan op eentje na. Deze draait een paar keer voor ons en dan een grote boog achter ons. Ik houd deze loze visser in de gaten maar op eens verliest deze zijn belangstelling voor deze visgronden en hij draait weg richting de Oost-horizon.

 

Opvallend zijn de niet zo mooie zonsondergangen, de maanloze lucht, de bewolking. Het maakt het allemaal een beetje somber ondanks de ideale zeilomstandigheden. We jakkeren door naar ons doel.