Logboek 2018

Ons Kwienbieke op hol?

Vissen met een werpnet
Vissen met een werpnet

 

Maandag,  23 april 2018

 

 

Rio Dulce

 

Wakker worden in een nieuw paradijs. De bomen van het resort gooien de geluiden van verschillende vogels naar buiten en maak de panelen los van de ingang. De warmte komt me tegemoet vooral omdat we vannacht de airco aan hebben gehad. Met een bos papieren onder de arm spoed ik me naar het bureau om in te klaren en te melden. De dame achter het loket vraagt naar een formulier welke ik niet kan tonen omdat ik niet begrepen heb dat ik me eerst moest melden in Livingston bij de douane. Ja, wat nu? Ik had begrepen dat de Marina me zou helpen bij inklaren en verdere immigratie, zoals in de folder staat. Ik voorzie al grote problemen vanwege doorvaren landinwaarts zonder melden en grote boetes in het vooruitzicht. Ninneth gaat bellen en spreekt een declarant die ons zegt meteen terug te varen naar Livingston en net doen of we aangekomen zijn die ochtend. Vervelend dat we terug moeten maar het beloofd een mooie tocht terug te worden door de jungle langs de berghellingen. De indianen vissen met werpnetten en dat brengt in ieder geval veel sfeer. We zijn echt in een andere wereld dan de Carieb.

 

In Livingston meld ik me met de marifoon bij de declarant die het papieren geregel zal verzorgen en adviseert de Queen B te ankeren en zal een watertaxi sturen. Het is een hele drukte voor de kade van het stadje, de watertaxi’s vliegen af en aan, boten ankeren midden in de vaargeul, speedboten knallen me voorbij, visbootjes maken de vis onder het voorbij varen schoon zodat er een wolk van vogels achter de snorrende buitenboordmotoren vliegen met gekrijs. Drukte, alom. Een watertaxi waar 4 mensen aan boord zijn, zonder enig woord Engels maar genoeg gestamel, verwarrend allemaal want ze doen net alsof we toeristenslachtoffers zijn die ze wel een duur tochtje kunnen aansmeren. Jacqueline blijft met enige schroom en zorgen achter op de Queen B en ik ga met een stapeltje papieren naar Hoofdkantoor van de declarant.

 

Een dikke man, in een kantoorstoel gesmeten, zodanig gevuld met overtollig voedsel dat ik niet zie of het een stoel of een rolstoel is. Bij het handen schudden blijft de man ook zitten en begint hoofdschuddend aan zijn klus en zegt doodleuk of we morgen de papieren op kunnen halen. Dat is vreemd want hij beloofde aan de telefoon dat het een procedure van een uur zou zijn. Hij ziet de verwarring en doet net of hij het telefoongesprek van vanochtend nu pas herinnert. In het dorp probeer ik geld te wisselen waar je wordt aangezien voor een witwasser als je probeert 200 dollar te wisselen die ik nodig heb om in te klaren. De procedure duurt vier verschillende loketten en raak voor het eerst aan de babbel in het Spaans met een leuke dame die vertelt net moeder te zijn geworden, al 1 kind heeft, haar man werkt, en ze is heel gelukkig. Zo dat weet de lezer nu ook en ik heb een bos Quetzals in mijn hand. Zelfs de spellingscorrector kent het woord niet laat staan dat ik er ooit van gehoord heb.

Lopend door de hoofdstraat heb ik zicht op de rivier en zie ineens een Island Packet met groene bimini en buiskap, voorbij varen. Mijn hart slaat een slag over want vul meteen in dat Jacqueline van het anker af is en rondjes aan het varen is, wachtend op me. Bij enig extra speurwerk zie ik een bijbootje achter het schip en weet meteen dat ik naar een zusje kijk van ons Kwienbieke.

 

Pak van mijn hart en loop het kantoor weer binnen van de Dikke. Hij is er niet en ik kan de tijd opvullen samen met zes anderen door ieder voor zich op een telefoon te kijken. Het nieuwe wachten. Zuchtend en steunend klimt de Dikke de trap op en weet meteen dat hij geen rolstoelhouder is. Met alle vriendelijkheid overhandigt hij de documenten en vertelt dat het laatste document persoonlijk zal brengen bij de haven. We kunnen gaan. Voor deze gang van zaken hadden we niet het hele schip mee hoeven te nemen om zogenaamd te schouwen. Niet teveel afvragen en anker op om terug te varen. Zeiltje erbij, wind op de kont varen we de mooie rivier terug richting Marina.

 

In de haven is alles hetzelfde en leggen snel vast aan de stroom en gaan een diner halen in de lounge ruimte van het hotel. De muggen beschouwen de ruimte als hun eetzaal want we worden volledig lek gestoken door de heren Mosquitos