Logboek 2018

Jagen

 

Dinsdag, 12 juni 2018

 

Rio Dulce

 

 

De jonge verkoper met de eeuwige telefoon aan zijn hoofd, achter zijn bureau in een vuil hok, televisie aan en de ventilator op volle wind. De deur open om klanten te trekken, de straat vol met vrachtauto’s en auto’s die de uitlaatgassen zijn domein in blazen. Hij verwelkomt ons met zijn glimlach en helemaal als ik vertel en bestel dat ik twee panelen wil. Hij springt op en trekt uit een achter ruimte de twee zonnepanelen en begint ze met cellotape te fixeren om het loshangende karton en plastic weer tot één geheel te maken. Het ziet er zwaar uit, uiteindelijk valt het mee, en met het extra handje van Jacqueline is het gemakkelijk te transporteren.

 

Bij de concurrent haal ik de regelaar op want die blijkt hier 12 euro goedkoper te zijn. Op het moment dat ik wil afrekenen blijkt de prijs ineens omhoog te zijn gegaan. Dat gaat na protest gelukkig niet door en ben blij met mijn aankoop. Verbaasd kijk ik naar de winkel ernaast en dit blijkt een dealer van de buitenboordmotoren Suzuki te zijn. Mijn kleine motortje 2,5 Pk hangt hier in rijen dik aan de beugels. In het verleden veel moeite moeten doen voor onderdelen, liggen ze hier gemakkelijk voor handen zonder dat ik ze nu nodig heb.

 

Aan boord leg in de panelen op de beugels, ze zijn groot maar passen op de bimini. Ik begin te passen en meten en kom op het idee om een lat precies klem in de lijst te zetten van het zonnepaneel. Scheelt een hoop constructiewerk en is net zo sterk zo niet sterker.

 

Jacqueline heeft vanochtend een “Wie is hier de Baas” strijd moeten voeren met paard Tornado en ik realiseer me dat deze rijlessen wel eens prima uit kunnen komen als de Queen B gejaagd moet worden. Paard en ruiter trekken langs de waterkant de Queen B door het water.

 

Bij het verbouwde en weer geopende Sundog drinken we een cola en komen in gesprek met een meisje van 10 jaar die limoenen verkoopt.

 

In Nederland is het een oud en bekend fenomeen.

 

Sommige vaartuigen werden altijd gejaagd, deze werden meestal getrokken door paarden, de zogenaamde jaagschuiten. Wanneer een jaagschuit bedoeld was voor passagiers werd het een trekschuit. Jaagschuiten die bijna uitsluitend voor het vervoer van goederen werd gebruikt werden, noemde men dan weer een pakschuit. De meeste grote ladingen werden door zeilschepen vervoerd. De jaagschuiten waren meestal voor tuinbouwproducten. In de meeste gevallen werd er gejaagd omdat men niet voldoende ruimte had om te zeilen en omdat men zich aan een vrij strak schema te houden had. een scheepje met 20 ton kon een vaart van ruim 10 km per uur make. De zwaardere schepen tot zo'n 100 ton  lag de snelheid niet meer dan 6 km per uur.